DISCO IN HET UITSLUITINGSGEBIED?

Bijgaand schrijven is een reactie op een schrijven van de projectleider van de projectgroep Realisatie Discotheek dat een discotheek in de Westrand in het uitsluitingsgebied geen problemen zou opleveren met een c.c. naar de pers.

Onderstaand stuk is dan ook naar alle geadresseerden teruggemaild


Alkmaar, 10 februari 2005

Geachte klankbordgroep en overige geadresseerden,

Graag wil het Comité, gesteund door ruim 2.000 participanten, een aantal hardnekkige misverstanden voorgoed uit de wereld helpen.
Het is ons heel goed bekend dat er enkele uitzonderingsregels zijn voor bouwen van stedelijke functies in de uitsluitingsgebieden.
Zo is een optie onder andere het herzien van het Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord.

Terecht wijst de heer R. Wezenberg erop dat er uitzonderingsregels zijn voor het bouwen van stedelijke functies in de uitsluitingsgebieden .
Ook wij hebben uitgebreid overleg gehad met de Provincie zoals met Hooijmaijers, Van Turen, Takkenberg, Blom, De Bakker, Kluit en andere provinciale en gedeputeerde ambtenaren. Hierin is gekeken in hoeverre de uitzonderingsregels van toepassing zijn voor een discotheek in het uitsluitingsgebied.

Mogelijke locatie
Het oog van wethouder Van Vliet is gevallen op het voormalige ‘Claus Party House’. Hij stelt dat dit verstedelijkt gebied is en dat er op deze locatie een discotheek gezeten heeft.
Daarnaast wordt beweerd dat de uitzonderingen voor bebouwing van stedelijke voorzieningen in uitsluitingsgebieden, die alleen in allerhoogste hoogste noodzaak in aanmerking komen, in deze ook van toepassing zijn.

De ambtenaren van de provincie Noord-Holland konden ons gelukkig volledig gerust stellen dat zij hier geen discotheek zullen toestaan onder andere refererend naar eerder vastgelegde uitspraken van Gedeputeerde Staten en het onlangs verschenen Streekplan.  

Status zoeklocatie discotheek in de Westrand
Momenteel wacht de Raad van Alkmaar op de uitslag van het college betreffende de opdracht te zoeken naar locatie voor een discotheek in de Westrand.
Ondanks dat de wethouder Van Vliet reeds in onderhandeling is met potentiële gegadigden voor de bouw van een discotheek is er nog geen locatie gerapporteerd aan de Raad zodat zij hierop nog geen besluit kan nemen, aldus de Alkmaarse Raad. Er kan zonder locatie en zonder toestemming van de Raad formeel geen overleg plaatsvinden over ‘de inpassing’ van een discotheek in de Westrand.

De zoeklocatie discotheek is losgekoppeld van de Visie westrand. Binnen de Visie Westrand wordt inpassing van een discotheek echter als uitgangspunt genomen. Dit is merkwaardig omdat een Visie nu juist uitsluitsel moet geven of een discotheek gewenst of gepast is in de Westrand.

Er komt geen klankbordgroep voor de zoeklocatie voor een discotheek. Het Comité had conform de Kaderregeling Inspraak en Participatie meermalen verzocht hierin zitting te nemen.

Claus Party House terrein
Zoals gezegd doet wethouder Van Vliet geloven dat een discotheek op het ‘Claus Party House’ terrein geen belemmeringen geeft.

Deze locatie komt vanwege de volgende feiten echter niet in aanmerking:

  1. Het is uitsluitingsgebied en geen ‘reeds verstedelijkt’ gebied zoals de wethouder wil doen geloven: zie juridische kaart 3 ‘Uitsluitingsgebieden’ van het Streekplan Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord.
  2. Het huidige vigerende bestemmingsplan is Sport en Recreatie (bron bestemmingsplan Gemeente Alkmaar). Claus mocht gebouwd worden omdat het sport was: een bowlingbaan; met de daarbij behorende bebouwing een kantine: zijnde een restaurant met een vergunning tot verstrekking van drank. Dit is vastgelegd in het dossier van de gemeente Alkmaar. Het is dus onjuist dat de wethouder suggereert dat hier een discotheek (met vergunning) heeft gezeten en dat deze gewoon herbouwd mag worden. Uit het gemeentelijk dossier in Alkmaar en uit navraag bij de Provincie blijkt dat nimmer een vergunning is aangevraagd, laat staan afgegeven, voor de bouw van een stedelijke functie zoals een discotheek op deze locatie.
  3. De eigenaar van het terrein is hoogst verbaasd dat zijn terrein aangewezen is. Hij weet officieel van niets en heeft andere plannen met dit stuk grond dan het bouwen van een discotheek.

Uitzonderingen
Blijft over de mogelijkheid gebruik te maken van de uitzonderingsregels. Deze hebben bepaalde voorwaarden voordat ze toegepast worden die in de discussie met de pers en in publicaties gemakshalve maar steeds overgeslagen worden.

In onderstaand relaas worden de belangrijkste zaken nog even doorlopen.

Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord

Op 28 juni 2004 is er in de Zandhorst te Heerhugowaard een gedachtewisseling geweest over de Streekplanprocedure Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord. In het verslag (ook in het bezit van het Alkmaars College) staat op blz. 9 en 10:

Mevrouw R.S. Heijstra, Alkmaar, namens Comité Disco Westrand NEE! (tevens namens de heer L.A. Jonker, Alkmaar) (bijlage 11)

Vragen Commissie:

Mevrouw Driessen vraagt of het ambtelijk projectteam het comité Disco Westrand NEE! gerust kan stellen.

Gesteld wordt dat aan de Westrand een wijziging is voorgesteld ten aanzien van de verlengde Huiswaarderweg; het bestaand stedelijk gebied van Alkmaar zal tot deze weg worden doorgetrokken. Als het ten westen is van het bestaande gebied, dan gaat het om uitsluitingsgebied en daar houden GS aan vast.

Mevrouw Heijstra concludeert uit dit antwoord dat een disco uit den boze is, hetgeen ambtelijk wordt bevestigd.  

In het Streekplan, Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord, staat helder omschreven dat tot 2030 (dit in tegenstelling tot het plaatje uit het concept van het Ontwikkelingsbeeld in het rapport van Alle Hosper dat geen juridische status heeft) ten westen van de N9 (uitgezonderd het stedelijke gebied ofwel bedrijventerrein Bergermeer beter bekend als het Techno Park) geen verdere verstedelijking zal worden toegestaan.

 

Samenvatting Streekplan blz. 10}

 

Voldoende woninglocaties, één woningmarkt gebied

De nieuwe grote woningbouwlocaties in deze regio zijn: de grote locatie Heerhugowaard De Draai, Heerhugowaard ’t Kruis (landschappelijk en luxe wonen, als overgang naar het open polderlandschap) en Langedijk-West (lagere dichtheden met een dorpse sfeer). De locatie Broekhorn leent zich bij uitstek voor bijzondere functies, zoals voorzieningen. Al met al is er voldoende woningbouwruimte voor de komende tien jaar. De woningen zijn daarbij ook bestemd voor de woningbehoefte van bijvoorbeeld Alkmaar, dat binnen de eigen grenzen weinig bouwlocaties meer heeft. De mogelijke bebouwing van Vroonermeer-Noord – een van de laatste locaties – vereist overigens dat er elders nieuwe natuur wordt aangelegd.

 

{= > Dit ontzenuwd dat bebouwing van stedelijke functies zoals woningen in de Westrand geen problemen zou geven. Bebouwing in Vroonermeer-Noord kent voorwaarden.}

 

{Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 119-120}

 

Kaarten, behorend bij
Deel IV Planologisch
Beleidskader
2004-2014

In hoofdstuk 5 hebben wij de beleidslijnen en de juridische instrumenten beschreven.
De kaart Planologische Beleidskader 2004-2014 geeft het juridische instrumentarium visueel weer van
bestaand stedelijk gebied, van zoekgebieden en uitsluitingsgebieden. Met deze laatstgenoemde instrumenten sturen wij de uitbreiding van of nieuwe stedelijke of niet - stedelijke functies met aanzienlijke ruimtelijke consequenties buiten het bestaand stedelijk gebied. Deze kaart vormt als het ware de opmaat naar de langetermijnvisie voor 2030: het gekozen instrumentarium van zoek- en uitsluitingsgebieden correspondeert met de hoofdstructuur van de langetermijnkaart 2004-2030 maar laat de invulling daarvan met de gewenste stedelijke en niet-stedelijke functies aan de gemeenten.
Elementen die onze verantwoordelijkheid als regisserend bestuursorgaan voor grote gemeentegrensoverschrijdende
thema’s raken, zoals o.m. de bollenteelt, de glastuinbouw, de regionale bedrijventerreinen en de daarvoor noodzakelijke reserveringen hebben wij als aanduidingen gelokaliseerd op de kaart.
De kaart Planologisch Beleidskader 2004-2014 vormt daarom voor de komende 10 jaar ons primaire
beoordelingskader voor gemeentelijke bestemmingsplannen en artikel 19-projectprocedures. Zij heeft derhalve een rechtstreekse juridische betekenis voor gemeenten omdat deze daarmee rekening moeten houden bij hun planvoorbereiding. Burgers worden slechts indirect hierdoor gebonden omdat pas een rechtsgeldig bestemmingsplan hun rechten en plichten vastlegt.

 

{= > Kaarten met uitsluitingsgebieden zijn juridisch bindend. Binnen nieuwe planvorming binnen gemeenten dient hiermee rekening gehouden worden. Nieuwe stedelijke functies in uitsluitingsgebieden (zoals een discotheek) zijn niet mogelijk}

 

{Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 127}

 

Nieuwe kleinschalige ontwikkelingen zijn mogelijk mits sprake is van:

 Een organische ontwikkeling die ondergeschikt is aan de omvang van de kern.

 Maximaal 1 tot 5 woningen op jaarbasis. Overschrijding van dit aantal moet expliciet aan Provinciale Staten worden voorgelegd voor een besluit.

 Ook voor andere functies zoals werken en zorgvoorzieningen moet het gaan om incidentele kleinschalige ontwikkelingen.

 De ruimte voor ruimte-regeling dan wel de rood voor groen-regeling.

 Een concreet bestemmingsplan of projectprocedure.

Het plan of project wordt beoordeeld aan de hand van de ruimtelijke situatie ter plaatse.

Bij de ontwikkeling van lokale bedrijven geldt:

 geen planologische reservering, alleen de directe behoefte wordt planologisch geregeld;

 er vindt een beoordeling plaats per individueel bedrijf;

 er is binnen de gemeente geen alternatief in een zoekgebied;

 ontwikkeling van lokale bedrijven in uitsluitingsgebieden moeten worden voorgelegd aan Provinciale staten.

Onder lokale bedrijven wordt verstaan:

 het bedrijf moet voor het bedrijfseconomisch functioneren afhankelijk zijn van de binding met de huidige gemeente en/of

 binnen de gemeente een aantoonbare functie hebben en/of een historische binding met de plaats;

 voor vestiging van de uitbreiding van een lokaal bedrijventerrein komen bij voorrang bedrijven uit de dorpskernen in aanmerking die daar hinder veroorzaken.

 

{dit heeft betrekking op bouwen in de uitsluitingsgebieden. Alleen kleine uitbreidingen op bestaande bebouwing zoals erkers, dakkapellen schuurtjes e.d. worden via artikel 19 procedure na zorgvuldige beoordeling toegestaan}

 

 {Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 130 en 131}

 

5.5 Beleidslijnen alleen voor de uitsluitingsgebieden

In de uitsluitingsgebieden is sprake van bijzondere natuurlijke waarden en kenmerken of landschappelijke en cultuurhistorisch waardevolle elementen en structuren die wij willen beschermen, behouden en versterken. Het gaat hier vooral om delen van het landelijke gebied die een bepaalde bescherming genieten op grond van al bestaande (internationaal) wettelijke of provinciale beleidskaders met daaruit voortvloeiende planologische gebruiksbeperkingen maar ook om gebieden die wij om andere ruimtelijke redenen willen vrijwaren van verdere verstedelijking. Wij noemen al deze wettelijke of beleidskaders het gebiedsgericht beleid. Het gaat dan om:

            Alle gebieden die behoren tot

Gebieden die zijn bepaald in de Beleidsvisie Ontwikkeling Provinciale Ecologische Hoofdstructuur van mei 1993 (PEHS);

{er zijn meer gebieden maar deze is van toepassing. De gehele Westrand, uitgezonderd het Techno-Park, valt onder de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur: zie kaart 3 ‘specificatie uitsluitingsgebieden’}

 

{Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 133 en 134}

 

5.6 De Rood voor Groen-benadering in de zoekgebieden

Wij zijn van mening dat de ontwikkeling en het beheer van recreatieve voorzieningen rond dorp of stad nadrukkelijk ook een verantwoordelijkheid is van de gemeenten. In de zogenaamde zoekgebieden, die wij aangegeven hebben voor verstedelijking, moeten zulke voorzieningen gelijkopgaand met nieuwe bouwplannen worden ontwikkeld. Deze verstedelijking dient daarbij financieel bij te dragen aan de recreatieve voorzieningen. Zo kan uit de opbrengsten van woningbouw of realisatie van bedrijventerreinen meebetaald worden aan de aanleg van recreatiegebieden en fiets- en wandelpaden. De nieuw aan te leggen stedelijke functies kunnen echter ook direct bijdragen aan meer recreatieve voorzieningen.
Te denken valt bijvoorbeeld aan woonlandschappen, waarbij een deel van het groen openbaar toegankelijk is of aan bedrijventerreinen waarbij het waterbeheer op een slimme wijze is gecombineerd met een aantrekkelijke, groene omgeving.
Het hoeft overigens niet altijd het daadwerkelijk creëren van nieuwe voorzieningen in te houden. Ook
fondsvorming voor het optimaal beheren van de huidige landschappelijke, natuurlijke en recreatieve waarden in een gebied vinden wij een goede manier om te zorgen voor voldoende recreatieve mogelijkheden in de omgeving. Omdat de ruimte voor nieuw recreatief groen lang niet altijd binnen de gemeentegrenzen zelf te vinden is, geniet het onze voorkeur de aanpak van dergelijke rood voor groen constructies op een regionale schaal te bekijken. Hoe dit het beste te combineren is met het ruimtelijk instrumentarium zullen wij nog nader regelen in beleidsregels in de Leidraad Provinciaal Ruimtelijk Beleid.

 

{de ‘Rood voor Groen-benadering’ wordt vaak aangehaald als mogelijkheid voor stedelijke bebouwing in de uitsluitingsgebieden. Deze benadering geldt primair voor de ‘zoekgebieden’. In de uitsluitingsgebieden dient aan meer voorwaarden voldaan te worden.}

 

 {Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 133 en 134}

 

5.7 Provinciaal compensatiebeleid voor de uitsluitingsgebieden

Een bijzonder geval van rood voor groen is compensatie. De bijzondere waarden die moeten wijken voor de onvermijdelijk geachte verstedelijking dienen daarbij elders te worden hersteld.
Op 14 maart 2000 hebben wij een gedragslijn vastgesteld voor compensatie van ingrepen in gebieden met bijzondere waarden. Het gaat hierbij om beschermingswaardige natuur-, landschaps-, recreatiegebieden, bodembeschermingsgebieden en gebieden met grote cultuurhistorische waarden, waaronder bekende archeologische waarden. Deze gebieden zijn in het Ontwikkelingsbeeld opgenomen als de zogenaamde uitsluitingsgebieden voor verstedelijking. Onze gedragslijn is dus van toepassing in de uitsluitingsgebieden. Niet alle waardevolle archeologische terreinen zijn overigens op dit moment bekend en dus in kaart gebracht. Ook op nieuwe vindplaatsen is de gedragslijn compensatie echter van toepassing.
De werking van de gedragslijn houdt in dat wij de bovenbeschreven waarden in de uitsluitingsgebieden in principe niet willen aantasten, tenzij het hier gaat om een ingreep die van groot maatschappelijk belang is en niet elders kan plaatsvinden. Als wij de aantasting toch als onvermijdelijk zien, zullen wij in eerste instantie bekijken of aantasting substantieel van aard is. Daarbij zullen aard en omvang van de ingreep en de waarde van het gebied factoren zijn die in de afweging worden betrokken. Bij substantiële
aantasting zullen wij aangeven welke compenserende maatregelen nodig zijn om onze goedkeuring te verbinden aan de activiteit.
Mocht een wettelijk voorschrift van hogerhand compensatie voorschrijven, dan wordt dit uiteraard in
achtgenomen. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om de Habitat- en Vogelrichtlijn of de Flora en Fauna wet.

 

{zoals genoemd valt de Westrand onder de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur (behalve bedrijventerrein bergermeer). Gesteld wordt dat als aangetoond wordt dat er een ‘groot maatschappelijk belang’ gediend wordt en ‘niet elders kan plaatsvinden’ en ‘onvermijdelijk’ is er via ‘compenserende maatregelen’ een afweging gemaakt kan worden voor mogelijke verstedelijking in de uitsluitingsgebieden.

Vertaald naar de discotheek moet aan alle onderstaande eisen voldaan worden:

1.       De discotheek is regionaal van groot maatschappelijk belang

2.       De discotheek kan niet elders plaatsvinden

3.       De komst van een discotheek is ‘onvermijdelijk’

4.       Er zijn compenserende maatregelen (groen voor rood) mogelijk

 Evaluerend:

1.       Er komt een grote regionale discotheek tegen de Alkmaarsche grens aan: ‘De Waerdse Tempel’, die in de primaire behoefte voor een discotheek voor de Alkmaarse inwoners voorziet. De aangewezen locatie in de Westrand ligt even ver van de doelgroep in Alkmaar Noord af dan de locatie van ‘De Waerdse Tempel’.
De wens blijft echter dat Alkmaar zelf een grote (regionale) discotheek wil bezitten.

2.       Er zijn geschikte locaties elders in stedelijk gebieden zoals Kooimeer Plaza en Boekelemeer. Ook is er een geschikte locatie in het zoekgebied ‘Vronermeer Noord’.

3.       Het betreft dat een discotheek in het uitsluitinggebied van de Westrand onvermijdelijk is. Dit is niet hard te maken omdat er ook andere mogelijkheden zijn. Zo kan men afzien van de zoeklocatie voor de discotheek in de Westrand of zoeken in gebieden zoals hierboven genoemd.

4.       Dit is in feite afbreken van stedelijke voorzieningen in de Westrand om een discotheek mogelijk te maken. Dit houdt sloop in van bijvoorbeeld kantoren of huizen in het uitsluitingsgebied van de Westrand.

Het is mede vanwege bovenstaande eisen dat de provincie het Comité gerust kon stellen inzake de onmogelijkheid van een discotheek in het uitsluitingsgebied van de Westrand}

 

{Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 134 en 135}

5.8 De Ruimte – voor – Ruimte regeling in de uitsluitingsgebieden

De Ruimte voor Ruimte regeling is landelijk vooral bekend als instrument om varkenshouderijen te saneren. De sanering wordt financieel mogelijk gemaakt door enkele woningen toe te staan, al dan niet op dezelfde locatie of bij een nabij gelegen kern.
Deze regeling willen wij breder inzetten. Het biedt dan de mogelijkheid om te bouwen in uitsluitingsgebieden aansluitend aan het bestaand stedelijk gebied, mits sanering van een ongewenste situatie in het landelijk gebied plaatsvindt.
Deze regeling is ingegeven door het feit dat het geld ontbreekt voor de sanering van ongewenste situaties.
Het gaat bijvoorbeeld om bedrijven die op een bedrijventerrein thuishoren, defensieterreinen,
volkstuincomplexen, etc..
De kernen in uitsluitingsgebieden kunnen alleen binnendorps bouwen. Door ( het bouwvlak of het bestemmingsvlak te verplaatsen uit het landelijk gebied naar het dorp ontstaat de mogelijkheid van woningbouw. De mate waarin woningbouw kan plaatsvinden is sterk afhankelijk van de kosten om sanering mogelijk te maken. De uiteindelijke winst voor het landelijk gebied is bepalend.
Dat is sneller aannemelijk te maken als de te saneren locatie duidelijk een verbetering oplevert en bij de keuze van de locatie van de uitbreiding van de kern de aantasting beperkt blijft.
De Ruimte voor Ruimte regeling krijgt zijn nadere uitwerking in de Leidraad Provinciaal Ruimtelijk Beleid.

 

{bij ruimte voor ruimte wordt gekeken of door beperkte woningbouw een zeer ongewenste situatie in het uitsluitingsgebied, waarbij de enige belemmering voor verplaatsing of sanering voldoende geld is, opgelost kan worden. Uitgangspunt in deze is dat er geen andere mogelijkheden zijn om de aangetoonde ongewenste situatie te saneren en dat het saneren een duidelijke verbetering oplevert van het uitsluitingsgebied als geheel.}

 

{Streekplan: Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord blz. 244}

 

Motie 8-6

 

Betreft: Statenvoordracht Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord/Uitsluitingsgebieden

Provinciale Staten van Noord-Holland,
In vergadering bijeen op 11 oktober 2004,

Gezien:
De Statenvoordracht Ontwikkelingsbeeld Noord-Holland Noord van GS;

Overwegende dat:

 In het Ontwikkelingsbeeld uitsluitingsgebieden zijn opgenomen.

 Deze er niet voor niets zijn.

 GS desondanks voorstelt ontwikkelingen mogelijk te maken in deze gebieden.

 Als dit al gewenst is, uiterste zorgvuldigheid betracht dient te worden.

 Het eventueel toestaan van ontwikkelingen van enige omvang in de uitsluitingsgebieden past binnen de kaderstellende rol van PS.

Besluiten:

 Overeenkomstig de indicatie die gedeputeerde Meijdam heeft gegeven in de commissie ROV een jaarlijkse uitbreiding van 1 tot 5 woningen in de uitsluitingsgebieden in principe mogelijk te maken.

 Dat een overschrijding van dit aantal een expliciet besluit van PS vergt.

 Ontwikkeling van lokale bedrijven in uitsluitingsgebieden eveneens dient te worden voorgelegd aan PS.

Draagt GS op:

 Dienovereenkomstig te handelen.

F.K. Weima, PvdA
S. van den Brakel-Baggerman, PvdA

 

{dit is opgenomen om aan te geven dat niet alles onmogelijk is in uitsluitingsgebieden, afhankelijk van de gradatie van het uitsluitingsgebied, maar dat uitsluitingsgebieden er niet voor niets zijn en er ‘uiterste zorgvuldigheid’ betracht dient te worden bij afwijkingen}

 

 

Overige genoemde opties
Ruimte voor ruimte regeling is nog in ontwikkeling. Er moet sprake zijn van een aantoonbare ongewenste situatie waarbij geld voor sanering ontbreekt. Enkele woningen mogen dan gebouwd worden binnen de uitsluitingsgebieden direct grenzend aan het stedelijk gebied (bijvoorbeeld direct grenzend aan het Techno-park). Een discotheek als uitgangspunt, losstaand in de Westrand zoals de locatie Claus Party House (ter compensatie van??), voldoet niet aan de uitgangspunten voor de ruimte-voor-ruimte regeling en is in deze niet van toepassing.

De rood-voor-groen regeling kent voor de uitsluitingsgebieden aanvullende eisen waaraan in het geval ‘zoeklocatie discotheek in de westrand’ niet voldaan kan worden.

De exacte grens van stedelijke bebouwing is vastgelegd ten oosten van de ringweg de N9 (uitgezonderd het Techno-Park). De N9 is de (natuurlijke) barrière als het gaat om de scheiding tussen het stedelijke- en het uitsluitingsgebied.

Samenvattend

-         Een discotheek of discotheekachtige functie is een stedelijke voorziening.

-         De westrand, uitgezonderd bedrijventerrein Bergermeer (Techno-Park) is uitsluitingsgebied voor stedelijke voorzieningen: de Westrand is onderdeel van de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur.

-         Claus Party House ligt in het uitsluitingsgebied, heeft nimmer een vergunning voor een discotheek gehad en heeft als vigerend bestemmingsplan Sport en Recreatie.

-         Uitzonderingsregels voor stedelijke bebouwing in uitsluitingsgebieden zijn niet van toepassing.

-         Gedeputeerde Staten hebben op 28 juni 2004 ambtelijk bevestigd dat zij een discotheek in de Westrand niet zullen toestaan.

Hoogachtend,
Renate Heijstra,
Namens Comité Disco Westrand NEE!


Bovenstaande correspondentie is verstuurd naar alle raadsleden van Alkmaar, naar de Provincie Noord-Holland, naar alle pers, naar de klankbordgroep Westrand, naar de projectgroep 'Realisatie Discotheek', naar het college van B & W, en overige geadresseerden.

RSH <februari  2005>

<terug>
<nieuws>